Paalzitten tegen windmolens? Doe normaal!

duurzaamDat veel mensen tegen veranderingen zijn, dat weten we al langer. Soms komt die weerstand tot uiting op een manier wat botweg lachwekkend en belachelijk is. Zo nu ook de paalzitters in Zandvoort die daarmee willen protesteren tegen de komst van windmolens. Laat die tegenstanders alsjeblieft allemaal daar gaan paalzitten, streef een duurrecord van jaren na, dan heeft de rest van Nederland daar in ieder geval geen last meer van. Al schrikt dat wel intelligente toeristen af…Aap

Hoe belachelijk kan je jezelf maken? Ten eerste is een windpark zoals wordt beoogd nauwelijks zichtbaar. Je hebt recht van spreken wanneer direct aan de kustlijn  windmolens worden geplaatst, maar we hebben het hier over een afstand van 18.500 meter voor de kust!  Bovendien is in begin augustus een onderzoek uitgevoerd door GfK in opdracht van Natuur en Milieu. Deze organisatie wilde onderzoeken of de angst voor het afschrikken van toerisme door windmolens aan de kust terecht is. En wat blijkt? Deze angst is volledig ongegrond. Er kwam zelfs een verrassende conclusie naar voren; een op de vijf Duitse toerist geeft zelfs aan vaker naar de Nederlandse kust ten komen als er windmolens zichtbaar in zee staan. En 64% maakt het gewoon niets uit.

De toerismesector kan flink profiteren van windmolens, blijkt ook uit het onderzoek. 56% van de Duitse toeristen is geïnteresseerd in toeristische activiteiten rondom windmolens. ‘Denk bijvoorbeeld aan een boottocht naar een windmolen. Of duiken. Windmolens zijn een duikwalhalla doordat er veel nieuw zeeleven op afkomt. Slimme ondernemers kunnen goed verdienen aan windmolens. Aan de toeristen ligt het niet, zij zijn enthousiast,’ zegt Olof van der Gaag van Natuur en Milieu.

64 procent van de Duitse toeristen is voorstander van windenergie, toont het onderzoek aan. Met name jongeren zijn enthousiast over deze vorm van duurzame energie. 73 procent van de 18-24 jarigen is voorstander van windenergie, tegenover 57 procent van de 25-34 jarigen. Een meerderheid van de badgasten vindt het een goed idee dat er windmolens aan de Nederlandse kust komen. Bij 86 procent van de Duitse toeristen die daadwerkelijk Nederlandse kustplaatsen met windmolens bezoeken, hebben de windmolens geen invloed op het strandbezoek. 20 procent van de Duitse badgasten komt vaker naar zee als er windmolens staan, 16% zegt minder vaak te komen. Klik hier voor het volledige onderzoek.

Nederland wekt nu maar 4,5 procent schone energie op, dat moet minstens 16 procent zijn in 2023, zo is afgesproken in het SER Energieakkoord. Tussen nu en 2023 komen er nieuwe windparken op zee bij die straks 5 miljoen Nederlandse huishoudens van schone stroom gaan voorzien. Windenergie, op land en zee, is de schoonste en best toepasbare optie voor het verminderen van CO2-uitstoot en maakt ons minder afhankelijk van fossiele energie.

Het onderzoek is gedaan onder een representatieve groep van 500 Duitse consumenten die de afgelopen 2 jaar een of meerdere keren de Nederlandse kust hebben bezocht. De netto steekproef is door middel van weging representatief gemaakt op geslacht, leeftijd en opleiding. Van al het buitenlandse toerisme in Nederland komen de meeste toeristen uit Duitsland; in 2014 bezochten ruim 3.9 miljoen Duitsers ons land, zo’n 30 procent van al het toerisme.

25,8% Duurzame energie in Duitsland in 2014

Duurzame bronnen waren in 2014 voor het eerst goed voor het grootste aandeel in Duitsland. Met een percentage van 25,8% is dat net twee-tiende meer dan de (zeer vieze) bruinkoolcentrales welke goed waren voor een aandeel van 25,6%.

Als derde heeft Duitsland nog steeds een indrukwekkend aandeel van 15,9% Nuclear en 18% kolen. Gas was in Duitsland slechts goed voor 9,6%.

Zie onderstaande grafische weergave;

Aandeel Duitse stroomproductie

 

 

 

Opvallend is dat binnen de hernieuwbare bronnen het gebruik van biomassa nog steeds een stuk groter is dan het aandeel op basis van zonnepanelen. Wie regelmatig door Duitsland gaat ziet daar op vrijwel alle grote en goedleggen daken zonnepanelen opgesteld staan. Toch is dit aandeel ‘slechts’ 5,8% van de totale stroomproductie.

Afname eigen gebruik en toename export

Duitsland heeft in 2014 een sterke besparing op energie gerealiseerd t.o.v. 2013. Ongeveer 4% minder stroom werd gebruikt.

Ondanks de economische groei is vanaf 2010 deze daling van het elektriciteitsgebruik ingezet. Vorig jaar is bijna 45 TWh minder stroom verbruikt t.o.v. 2010, dat is omgerekend meer dan 7%.

De export van elektriciteit naar Nederland en Oostenrijk is vorig jaar gestegen. Nederland nam 17,7 TWh af en Oostenrijk 39,2 TWh.

De effecten van deze toenemende hoeveelheid export is op de Europese energiehandel goed te merken. Die is te volgen op de website van oa. de APX.

Prijsdrukkend effect verwacht na uitbreiding TenneT

TenneT_logoDe capaciteit tussen Duitsland en Nederland wordt door TenneT verder uitgebreid. Dit zal tot effect hebben dat de lagere prijsniveau’s in Duitsland meer naar Nederland zullen worden overgebracht. In 2012 werd reeds de capaciteit met 300 MW vergroot, per 2016 wordt weer aanvullende capaciteit opgeleverd.

Mel Kroon, CEO van TenneT: “Wij hebben de afgelopen jaren met interconnectoren met Duitsland, NorNed, Britned en uitbreiding van de capaciteit op de grens met België grote stappen gezet om prijsverschillen tussen de markten te minimaliseren. En dat is ook goed gelukt. In 2011 was de stroomprijs op de Nederlandse markt meer dan 90 procent van de tijd gelijk aan die in Duitsland.
De enorme, fluctuerende hoeveelheid gesubsidieerde Duitse stroom die tegenwoordig op de markt wordt gezet, heeft de zaken drastisch veranderd. De capaciteit van onze huidige acht buitenlandverbindingen is niet meer voldoende. En dat terwijl wij in vergelijking met andere Europese landen al een veel grotere interconnectiecapaciteit hebben.

De huidige situatie is eigenlijk een vreemde: de energienetten zijn door koppeling internationaal, de stroomhandelsmarkt is internationaal, maar energiebeleid niet; dat is nationaal.

In feite importeren wij hier in Nederland het Duitse nationale energiebeleid. En dat heeft dus een grote impact. Nu is de stroomprijs in Nederland nog maar minder dan 30 procent van de tijd gelijk aan de Duitse marktprijs.”

En met die opmerking slaat de heer Kroon de spijker op z’n kop; in feite importeren wij hier in Nederland het Duitse nationale energiebeleid. En het ziet er naar uit dat deze, net als de Duitse economie, bijzonder stabiel is.

Goed voor consument, maar bijzonder lastig voor de energie producerende bedrijven in Nederland die moeten concurreren tegen een ander nationaal beleid. En dat beleid in Nederland is zo stabiel als het weer, totaal niet dus.

Duurzaam voordelig : onzin reacties in de media

Dat de verduurzaming van de energie opwekking is ingezet en nog lang door zal gaan is een feit. Echter een gezonde transitie naar verduurzaming kost tijd omdat businessmodellen, technieken en structuren zich ook moeten ontwikkelen.

Momenteel wordt veel goedkope en duurzame energie vanuit Duitsland ‘toegelaten’. Het effect in Nederland is met de huidige prijsstellingen voor gas en kolen, gecombineerd met de marktprijzen verre van optimaal. Schoner gascentrales kunnen moeizaam of niet rendabel stroom maken uit gas en investeringen zullen dan ook niet meer plaatsvinden. Wanneer echter de huidige grootschalige centrale energieopwekking uit bedrijf wordt genomen, dan gaat het licht zeer zeker uit in Nederland. De gas- en kolencentrales zijn nu nog nodig, maar worden verdrongen uit de markt. Het businessmodel werkt dus niet meer in deze nieuwe werkelijkheid. Er wordt minder geproduceerd maar de operationele kosten en rentelasten moeten wel gedragen kunnen worden.

Zolang nog geen rendabele technieken voor opslag van elektrische energie voorhanden zijn zijn we hard op weg naar een overschot aan elektriciteit overdag bij veel wind en zon, maar is er sterke behoefte aan invulling vanuit fossiele brandstoffen wanneer het ‘s avonds niet waait.

Het onderstaande artikel op NU.NL, klik hier om te openen, beschrijft;

GroenLinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren stelt; “‘De vervuiler hoort te betalen en de vergroener moet worden beloond.” Van Tongeren wijst erop dat in Duitsland de energieprijzen dalen door de inzet op schone energie. ”Laten we dit goede voorbeeld in Nederland volgen.”

Ze heeft duidelijk geen flauw idee waarover ze spreekt. De prijs van duurzame energie en ook grijze energie is in Duitsland bijzonder duur, want de consumenten (niet de bedrijven) betalen een flinke toeslag om deze subsidie-machine draaiend te houden. De consumenten prijs is in vergelijking tot Nederland 38% duurder (bron: Eurostat, gegevens over 2011). Dus hoe kan ze nu stellen dat de energieprijzen dalen? Ja voor de industrie, maar niet voor de consumenten. En buurlanden, zoals Nederland, krijgen wel een zeer lagen energieprijs binnen. Het effect hiervan is dat het voor Nederlanders niet snel rendabel is om zelf in duurzaam te investeren, want het is zo makkelijk en goedkoop in te kopen.

Zucht… Groen links heeft het echt niet begrepen…