Werknemers van de 3 grootste energiebedrijven in Nederland hebben zelf hun aandeelhouders het verzoek gedaan alvast maar te beginnen met een fusie.

Het is uniek in Nederland dat de werknemers hier zelf om vragen.

De werknemers van de energiebedrijven verrasten al eerder door een publiekcampagne tegen splitsing van hun bedrijven www.splitsingnee.nl uit eigen zak te betalen.

Ruim 100.000 consumenten hebben zich op de website gemeld, uit protest tegen de splitsing die tenminste EUR 53 per jaar aan de energierekening toevoegt.

De fusie kan gaan om 2 of 3 of 4 van de grootste Nederlandse energiebedrijven. Met 1 of meer geschikte buitenlandse energiebedrijven moet die gefuseerde onderneming bovendien allianties aangaan, om de inkoop van kolen, olie en gas zeker te stellen. Later kan zonodig met die buitenlandse bedrijven worden gefuseerd, op voorwaarde dat belangrijke zeggenschap in Nederland blijft.

‘Wij met zijn allen in Nederland moeten zoveel mogelijk zélf kunnen bepalen wat de energieprijs, de investeringen in schone energie en de werkgelegenheid in de sector worden en niet die grote buitenlandse jongens, want dan weten wij het wel’, aldus voorzitter Jan de Jong van de vereniging van Centrale Ondernemingsraden van de energiebedrijven, het LME.

Het LME heeft dan ook met instemming begroet dat de voorzitters van Raden van Bestuur van Essent, Eneco en Nuon op hun respectieve persconferenties over de jaarcijfers al aangedrongen hebben op schaalvergroting en fusies, om buitenlandse concurrentie beter het

hoofd te kunnen bieden. Bij voldoende bescherming zijn we echt geen overnameprooi, aldus Jan de Jong van het LME. Maar dan moet je natuurlijk niet gaan splitsen.

Commissie Kist staat buiten de werkelijkheid

De suggestie van de Commissie Kist dat de top-3 spelers op de Nederlandse markt niet verder zouden mogen fuseren, noemt het LME van elke werkelijkheid gespeend.

Ten eerste viel een beoordeling of fusies wenselijk zijn of niet absoluut niet binnen de opdracht die de Commissie Kist van de minister had gekregen, dus waar bemoeien deze 3 kamergeleerden zich mee?

Ten tweede kijkt de Commissie alleen maar naar de Nederlandse markt, terwijl in Frankrijk, Spanje, Denemarken enzoverder regering én energiebedrijven verwoed bezig zijn krachtige nationale energiebedrijven te vormen. Opdat die het in de concurrentieslag kunnen bolwerken. Wij daarentegen worden gesplitst en straks uitgeleverd aan die grote buitenlandse bedrijven. Welke briljante gedachte mag hier dan wel achter zitten? Zo vraagt het LME.

Ten derde is er nog altijd voldoende concurrentie in Nederland ook als hier een paar bedrijven fuseren. Denk aan concurrenten als Oxxio, Electrabel enzoverder.

Bovendien speelt de echte concurrentie zich toch vooral af op de wholesalemarkt voor energie en daar spelen hele andere mechanismen een rol dan de fusie tussen 2 of meer Nederlandse bedrijven.

Redenen voor het fusieplan

Het LME is met dit ‘Plan tot behoud en versterking van de Nederlandse energiesector’ gekomen om een aantal dringende redenen.

1. Duurzaamheid. We moeten een grootschalige ombouw naar duurzame energie

inzetten. Dat vergt het heelhouden van sterke Nederlandse bedrijven.

Geen splitsing.

2. De kenniseconomie. We kunnen niet volhouden naar een kennisintensieve

economie te streven, als we op voorhand een belangrijk deel van onze

kennisinstituten op achterstand zetten bij het verwerven van R&D-

opdrachten, door vrijwel de gehele energiesector aan het buitenland

over te doen.

3. De mondiale energiesituatie, die dramatisch is gewijzigd. Vanwege de

oplopende grondstoffenschaarste door de grote vraag uit China en India

hebben grote – ook Europese – landen rechtstreeks leveringscontracten

afgesloten met olie- en gasproducenten. Daar kunnen we niet bij

achterblijven. Maar dat vergt het vormen van inkoopmacht.

4. De golf van overnames in de energiesector in Europa, met zijn

protectionistische schrikreacties. Ook daar moeten we wat mee.

5. Het onzalige splitsingsvoorstel van het kabinet, dat dood op termijn

voor de energiebedrijven betekent en de consument op kosten jaagt.

Er is een sterke samenhang tussen al deze fenomenen. Ze dwingt ons onze bedrijven te versterken.

Aanpak

We kunnen volgens het LME onze huidige energiesector om te beginnen versterken door de vorming van ten minste één nationale kampioen. Twee mag ook. Dit kan vrij eenvoudig door aandelenruil tussen 2 (of meer) Nederlandse energiebedrijven. De minister kan zijn toestemming daaraan niet onthouden. Een dergelijke fusie maakt plotselinge overnames door een buitenlandse reus later ook wat lastiger. Het LME heeft een voorkeur voor een fusie van de 4 grootste energiebedrijven. Dan nog zijn we Europees vrij bescheiden van formaat. Dus is er meer bescherming van de Nederlandse belangen nodig.

Aanzienlijke versterking van de gefuseerde onderneming

De nationale kampioen dient zich vooral krachtig te versterken door een sterk innovatief karakter richting duurzaamheid, zodat onze nationale doelstellingen (zeker, schoon, betaalbaar) worden gediend. Deze eisen stellen we ook aan een eventuele buitenlandse partner. Gezien de vereiste ombouw naar een duurzame energievoorziening en de verbreding van de brandstofmix met het oog op de leveringszekerheid, moet nog een reuzenslag gemaakt worden. Dat vergt nieuwe kapitaalkrachtige combinaties, allianties, fusies en vooral een

sterk gerichte inzet van de kennisinstituten. Waterstof, zonnecellen, biomassa, windenergie, kolenvergassing, het zijn alle wel bekende technieken, maar de businessmodellen zien er nog niet bepaald rooskleurig uit. Er moeten dus snel grote stappen worden gezet om de volgende generaties van deze toepassingen profijtelijk te maken.

Miljarden liggen al gereed

Een elementair plan tot miljardeninvesteringen in duurzame energie ligt al gereed in het Convenant dat op 24 november 2005 aan regering en Kamer is aangeboden door de 3 grote vakcentrales en LME en van een positieve intentieverklaring van de bestuursvoorzitters van de 4 genoemde ondernemingen is voorzien, op voorwaarde dat niet wordt gesplitst.

Bescherming tegen overvallen aanbrengen

Zowel de nieuw gefuseerde combinatie als – tot die tijd – de afzonderlijke ondernemingen dienen zich beter te beschermen tegen mogelijke overvallen van buitenlandse slok-ops.

Door:

– het creëren van een gouden aandeel met voldoende zeggenschap om

ongewenste overnames te kunnen blokkeren.

– of certificering van aandelen.

– of de aandeelhouders geven het voornemen te kennen voorlopig niet aan

verkoop van hun aandelen te denken.

Beheerste liberalisering

Vrije markten met voldoende concurrentie blijven het uiteindelijke doel.

Maar de Europese Unie moet het streven hiernaar van de 25 landen dan wel synchroniseren; en de Nederlandse regering moet onze ondernemingen intussen niet op achterstand zetten, doordat hier de grenzen voor overnames wél open gaan maar elders niet. Zegt het LME. Totdat er simultaan in alle voor ons relevante landen van de EU op een gelijk speelveld kan worden gestart, heeft Nederland het volste recht even de pas in te houden bij verdergaande liberalisering in de vorm van splitsing en zeker bij privatisering. Wij duiden dit aan met ‘beheerste liberalisering’.

Die synchroniteitsvoorwaarde moet in de wet worden vastgelegd.