De olieproductie van Nigeria is de afgelopen dagen met eenvijfde gedaald als gevolg van aanhoudende aanslagen van rebellen. De prijs voor een vat Brent-olie (van 159 liter) noteerde daardoor maandag op de vroege middag circa 1,50 dollar hoger op 61,35 dollar.

De rebellen claimden maandag opnieuw een oliepijpleiding en een militaire woonboot te hebben opgeblazen. De aanslagen in de Niger-delta zijn vooral gericht tegen de Nigeriaanse oliemaatschappij SPDC waarin het Nederlands-Britse Shell een belang van 30 procent heeft. In totaal ligt de productie van 455.000 vaten olie per dag stil. De rebellen zeggen te strijden voor een eerlijker verdeling van de olierijkdom van Nigeria.

Een brand legde het afgelopen weekeinde het Forcados-laadplatform voor de kust stil. Deze installatie slaat dagelijks 340.000 vaten olie uit omliggende velden over op tankers.

De oliemaatschappij sluit een aanslag niet uit. Ook een groot veld voor de kust, goed voor 115.000 vaten per dag, ligt stil na een aanslag op een aanvoerleiding. Het personeel is uit voorzorg geëvacueerd. Een aantal kleinere olievelden op land in het westen van de Niger-delta ligt ook stil.

Shell evacueerde maandagmiddag uit voorzorg personeel van afgelegen installaties in het oosten van de delta. Een groot deel van het in januari uit de westelijke delta geëvacueerde personeel is nog niet teruggekeerd, aldus een woordvoerder van Shell.

Zaterdag werden negen buitenlandse medewerkers van Willbros, een onderaannemer voor Shell, ontvoerd vanaf hun schip. Het gaat om drie Amerikanen, een Brit, twee Egyptenaren, twee Taiwanezen en een Filipijn.

Sinds december hebben er talloze aanslagen en ontvoeringen plaatsgevonden in de olierijke Niger-delta, een gebied zo groot als Engeland.